dr. Helena De Preester

Academic titles:

  • Visiting research professor

RESEARCH UNITS:

Contact

Publications

pp. 1  2  3  4   ... 11  12  13
  • 2015

    • VillaNadine/VillaNadien: een artistiek onderzoek naar de tussenruimte

      Huyghe, P. (2015). VillaNadine/VillaNadien: een artistiek onderzoek naar de tussenruimte. Hogeschool Gent. Koninklijke Academie voor Schone Kunsten (KASK) ; Universiteit Gent. Faculteit Letteren en Wijsbegeerte, Gent.
      Samenvatting van het onderzoeksproject. Bij mijn onderzoeksvoorstel had ik me voorgenomen om als vervolg op mijn praktijk tot op dat moment verder onderzoek te doen naar de ruimte van de Moeder, die ik reeds eerder had verkend door middel van een reeks werken waarin ik mezelf ontdubbelde in mijn eigen moeder en zo een fictief personage aan de realiteit toevoegde. Ik deed meer bepaald onderzoek naar de creatieve potentie van het alledaagse, en gebruikte tegenover de ruimte van de Moeder mijn eigen ruimte of de plaats van kunstcreatie als onderzoeksgegeven, waarbij vooral de ambigue verhouding tussen kunst en leven, tussen interpretatie en representatie, schijn en werkelijkheid aan bod zouden komen. Gaandeweg en op natuurlijke manier is mijn interesse zich gaan verplaatsen naar de ruimte tussen die ruimtes. Een plaats tussenin, waar men uit de orde en de autoriteit stapt (de ruimte van de Moeder) om vanuit een onthechte plaats (een plaats van experiment en kunst ) te evolueren naar nieuwe inzichten. Die konden dan terug ingezet worden in een volgende stap in mijn oeuvre. Door me volop te richten op de potentie van die ruimte, een opportuniteit die me ook effectief werd geboden binnen het kader van dit doctoraatsonderzoek in de kunsten, vond ik de motivatie om door te zetten en het traject te volbrengen. Het doctoraat in de kunsten bood me de mogelijkheid om te evalueren, te analyseren maar vooral via een meer onthechte plaats nieuwe kennis te verzamelen, te verwerken en een plaats te geven in mijn praktijk als kunstenaar. Het werd een plaats van kansen. Die periode, de zes jaar die me geboden werden, beschouw ik als een tussenplaats die na de evaluatie en afronding mij (nieuwe) perspectieven zal aanbieden waardoor ik mijn praktijk en bij uitbreiding mijn leven met een "alternatieve" kijk kan verrijken. Essentieel is dat ik me met mijn kunst wil afzetten tegen een verstikkende, betuttelende en discriminerende samenleving, een samenleving die ons gedragscodes oplegt, waarin waarden worden gemanipuleerd en idealen worden opgedrongen. Mijn kunst is voor mezelf een plaats van "anti-structuur" of "tegenstructuur", een alternatief voor de autoriteit waarin we gedwongen worden "gelukkig" te zijn (met "hoog-kapitalisme" als ideaal). Dit proefschrift VillaNadine bestaat uit twee delen. Het beeldende luik bestaat uit zeven projecten, die gedurende de onderzoeksperiode zijn gerealiseerd en getoond. De VillaNadine verwijst nadrukkelijk naar architectuur, en gebruikt het huis in verschillende gedaantes als nucleus, als visuele entiteit ook, die het mogelijk maakt om architectuur te laten samenvallen met transformatieruimte. Het gaat om het huis als toestel of machine die het moment van verandering bewerkstelt. Het huis heeft een geschiedenis, een symboolwaarde: elke bewoner schikt of verandert voortdurend elementen en objecten in zijn leefwereld die op die manier een transformatie van zijn identiteit bewerkstelligen. De analogie tussen het huis en de geest ligt voor de hand, we spreken dan ook over geestelijke huishouding. Door het huis en de geest te veranderen, te transformeren, doen we hetzelfde met de maatschappij. Het discursieve deel bestaat uit een fictieverhaal waarin een groep onderzoekers door de Meester rondgeleid worden op het domein van VillaNadine. Dit fictieverhaal dient als de structuur waarin het verhaal van de wandeling zich ontrolt, en waarin inhouden van de onderliggende thema's in een narratieve structuur opgenomen worden en verbonden worden met de toestellen, de installaties uit het artistieke luik van mijn onderzoek, die tijdens de wandeling door de groep bezocht worden. Ook krijgen we door de figuur van de Meester de nodige reflecties bij deze machines. De groep deelnemers aan de expeditie ondergaat een aantal processen waarbij het onderzoek naar onszelf centraal staat. Dit onderzoek staat in functie van het opnieuw definiëren, het heruitvinden van onszelf. De tekst is het verhaal uitgeschreven door één van de participanten aan de expeditie. Hij ondergaat de verschillende toestellen, en later, vanuit zijn herinnering, doet hij verslag hierover en voegt er verdere commentaren aan toe. Met dit proefschrift wil ik, net zoals ik dat de vorige dertig jaar ook heb gedaan, met mijn werk instrumenten aan te reiken die doen nadenken over de transitie naar alternatieven, een poëtica voor onze wereld, die op een dramatische manier naar adem hapt. Symbolisch wordt deze plaats van transitie benoemd als de plaats "tussenin", een plaats die de mogelijkheid biedt om "out of te box" te denken, kennis te verzamelen en die later in te zetten om die alternatieven te realiseren. Mijn werk heeft voor mezelf dan ook een louterende werking en houdt het verlangen intact.
  • 2014

    • Sensitivity to the gesture behind drawings

      De Preester, H. (2014). Sensitivity to the gesture behind drawings. Arts du geste, empathie et métissage culturel, Abstracts. Presented at the Arts du geste, empathie et métissage culturel.
    • Sensitivity to differences in the motor origin of drawings: from human to robot

      De Preester, H., & Tsakiris, M. (2014). Sensitivity to differences in the motor origin of drawings: from human to robot. PLOS ONE, 9(7).
      This study explores the idea that an observer is sensitive to differences in the static traces of drawings that are due to differences in motor origin. In particular, our aim was to test if an observer is able to discriminate between drawings made by a robot and by a human in the case where the drawings contain salient kinematic cues for discrimination and in the case where the drawings only contain more subtle kinematic cues. We hypothesized that participants would be able to correctly attribute the drawing to a human or a robot origin when salient kinematic cues are present. In addition, our study shows that observers are also able to detect the producer behind the drawings in the absence of these salient kinematic cues. The design was such that in the absence of salient kinematic cues, the drawings are visually very similar, i.e. only differing in subtle kinematic differences. Observers thus had to rely on these subtle kinematic differences in the line trajectories between drawings. However, not only motor origin (human versus robot) but also motor style (natural versus mechanic) plays a role in attributing a drawing to the correct producer, because participants scored less high when the human hand draws in a relatively mechanical way. Overall, this study suggests that observers are sensitive to subtle kinematic differences between visually similar marks in drawings that have a different motor origin. We offer some possible interpretations inspired by the idea of "motor resonance''.
    • Drawing is a thinking machine: a digital Vasco da Gama

      De Preester, H. (2014). Drawing is a thinking machine: a digital Vasco da Gama. In Peter Beyls (Ed.), Simple thoughts (pp. 161–185). Ghent, Belgium: MerPaper Kunsthalle.
  • 2013

    • Het gebaar laat zich herhalen, als een kus of een boterham met kaas

      De Preester, H. (2013). Het gebaar laat zich herhalen, als een kus of een boterham met kaas. Permanente vorming “Actuele filosofie”, Abstracts. Presented at the Permanente vorming “Actuele filosofie.”
    • Self and subjectivity

      De Preester, H. (2013). Self and subjectivity. Mind and metaphysics, Abstracts. Presented at the Mind and metaphysics.
    • Human or robot: how well do we recognise?

      De Preester, H. (2013). Human or robot: how well do we recognise? Colloquium of the Department of Philosophy, Abstracts. Presented at the Colloquium of the Department of Philosophy.
    • Not a day without a line: understanding artists' writings

      De Preester, H. (Ed.). (2013). Not a day without a line: understanding artists’ writings. Gent: Academia Press.
    • Is it possible to empathize with traces of human gestures?

      De Preester, H. (2013). Is it possible to empathize with traces of human gestures? Phenomenology of empathy, Abstracts. Presented at the Phenomenology of empathy.
    • Commentary to Aikaterini Fotopoulou: between the two cultures: neuroscientific research on the bodily ego

      De Preester, H. (2013). Commentary to Aikaterini Fotopoulou: between the two cultures: neuroscientific research on the bodily ego. Critical Neuroscience. Ethics, Philosophy, Politics and Policies, Abstracts. Presented at the Critical Neuroscience. Ethics, Philosophy, Politics and Policies.

Type :

  • Journal article
  • Book chapter
  • Edited book
  • All

Keywords :

  • Mechanisms,
  • Imitation,
  • Cortex,
  • Art,
  • Involvement,
  • Brain,
  • Implied motion,
  • Mirror-neuron system,
  • Perception,
  • Tussenruimte